Johan van Houten beleefde topjaren met DSC


<p>Johan van Houten, zittend onder in het midden, maakte in de jaren tachtig de vijf mooiste jaren met DSC mee.&nbsp;</p>

Johan van Houten, zittend onder in het midden, maakte in de jaren tachtig de vijf mooiste jaren met DSC mee. 

(Foto: DSC Archief)

Johan van Houten beleefde topjaren met DSC

Vooralsnog nog altijd geen competitievoetbal. Daarom terug in de tijd. Dit keer met DSC-icoon Johan van Houten. Zijn vier jaar geleden overleden vader Frans was erevoorzitter van de club. Zelf was Johan bijna twintig jaar rots in de branding in de verdediging. Nu mist hij als supporter al jaren geen enkele wedstrijd van DSC.

door Wout Pluijmert

Kerkdriel - Aan de wand in zijn kantoor hangt boven zijn bureau het ingelijste shirt met nummer 4 dat hij altijd droeg. Daaronder een groepsfoto van het kampioenselftal waarvan hij deel uitmaakte. De nu 59-jarige Johan van Houten werd in 1966 lid van DSC en kwam meteen voor het eerst uit in de P-pupillen. Dat noemde ze destijds zo, herinnert hij zich. “Wij beschikten jaren achtereen over een uitstekende jeugdselectie. Volgens mij werden wij elk jaar kampioen. In mijn laatste jaar bij de A-junioren kwam ik ook al tien wedstrijden voor het eerste elftal uit. In het seizoen 1979-1980 werd ik met beide teams kampioen.”

DSC speelde op heel behoorlijk niveau, want het zou vanaf 1986 vijf jaar achtereen in de derde klasse uitkomen. “Vergis je niet hoor, wij zaten in een competitie met JVC, Best Vooruit, Nuenen, TAC, Son en Breugel en HVCH. In die periode kwamen er duizend toeschouwers naar de thuiswedstrijden. In het laatste seizoen in de derde klasse speelden wij nog de derby tegen Alem. Daarna brak een periode aan dat veel spelers afhaakten. Alleen Willy Broekmeulen en ik schoten nog over van de gouden generatie.”

DSC degradeerde in korte tijd door naar de vijfde klasse maar herpakte zich. Van Houten zou tot en met het seizoen 1998-1999 in het eerste elftal spelen en was als achterhoedespeler ook regelmatig topscorer. “Ik kreeg in de winter van dat laatste seizoen de ziekte van Pfeiffer, ik was 38 jaar en ben daarna, met weer een nieuwe trainer, niet meer begonnen. Mijn laatste wedstrijd was tegen Nulandia. Ik maakte toen nog de gelijkmaker. Het werd 1-1. Jammer dat ik moest stoppen, want ik was graag tot mijn veertigste in het eerste elftal doorgegaan.”

Terugkijkend noemt hij het kampioenschap in 1986 toch wel het hoogtepunt in zijn voetballoopbaan. “Toen hadden wij een ge-wel-dig elftal. Ik durf te stellen: het beste team dat DSC ooit gehad heeft. Het bestond uitsluitend uit Drielse jongens. Maar ook het seizoen 1996-1997 zal ik nooit vergeten. Mijn laatste kampioenschap met een heel jong team. Mij noemden ze toen de opa van het elftal.” Nadat Van Houten is gestopt heeft hij geen wedstrijd van het eerste elftal overgeslagen. Regelmatig ziet hij zijn 18-jarige zoon Johan voetballen. “Hij heeft sterke en minder goede punten. Op termijn kan hij het eerste elftal gaan halen.” Johan van Houten heeft een droomwens. “DSC verdient een nieuw clubgebouw met nieuwe kleedkamers. Wat er nu staat is nog mede door mijn vader gebouwd. Hij was 22 jaar voorzitter. De accommodatie is zeer sterk verouderd. Dit kan met achthonderd leden echt niet meer. De douches zijn nu net zo slecht als ik toen ik nog voetbalde.”

Meer berichten

Het lokale nieuws in uw mailbox ontvangen?

Aanmelden