Velddriel voor de jaartelling al bewoond


<p>Van 8 tot 17 oktober 2018 hebben archeologen van VUhbs archeologie opgravingen uitgevoerd langs de Hamstraat. De grond daar werd goed afgezocht met een metaaldetector.</p>

Van 8 tot 17 oktober 2018 hebben archeologen van VUhbs archeologie opgravingen uitgevoerd langs de Hamstraat. De grond daar werd goed afgezocht met een metaaldetector.

(Foto: VUhbs Archeologie)

Velddriel voor de jaartelling al bewoond

Een ijzeren lanspunt, een complete mantelspeld van brons en een muizenval van aardewerk. Drie voorbeelden van bijzondere archeologische vondsten in Velddriel die de archeologen meer inzicht hebben gegeven in het verleden.

Velddriel - Archeologen van VUhbs hebben in oktober 2018 archeologie opgravingen uitgevoerd langs de Hamstraat in Velddriel. De uitwerking van het archeologisch onderzoek is recentelijk afgerond. Tijdens de opgravingen zijn bewoningsresten aangetroffen uit de Late IJzertijd, de Romeinse tijd en de Late Middeleeuwen.

Archeologisch onderzoek
Om vast te stellen of er archeologie in de bodem aanwezig was, is eerder al een vooronderzoek uitgevoerd door VUhbs archeologie. Hieruit bleek dat vooral in het westelijke deel van het onderzoeksgebied sprake was van oude bewoning. Het oostelijke deel is namelijk een lager gelegen komgebied, wat minder geschikt was voor bewoning. Men woonde ten slotte graag hoog en droog. Het vooronderzoek gaf aanleiding voor een vervolgonderzoek in een middeleeuwse vindplaats en een vindplaats met bewoningsresten uit de Late IJzertijd en het begin van de Romeinse tijd.

Late IJzertijd
Uit deze archeologische opgraving is gebleken dat er in de Late IJzertijd een boerenerf op het terrein gelegen heeft, bestaande uit een boerderij met verschillende kleine hooischuurtjes, ook wel spiekers genoemd. Op basis van het vondstmateriaal is vastgesteld dat het terrein in de Late IJzertijd vanaf ongeveer 250 voor Chr. tot ongeveer 150/125 bewoond werd.

Vroeg-Romeinse tijd
Daarna is het terrein een periode onbewoond geweest. In de vroeg-Romeinse tijd, in de loop van de eerste helft van de eerste eeuw na Chr. breekt er een nieuwe bewoningsfase aan die voortduurt tot het midden van de eerste eeuw na Chr. Vroeg-Romeinse bewoningssporen zijn erg zeldzaam in dit deel van de Bommelerwaard, wat ook samenhangt met het feit dat er nog maar weinig Romeinse nederzettingen in dit gebied zijn opgegraven. Vermoedelijk werd de Romeinse boerderij na 50 na Chr. herbouwd op een plek ten noorden van het onderzoeksgebied.

Bijzondere vondsten
De vondsten bestonden voornamelijk uit scherven van met de hand vervaardigd aardewerk. In de vroeg-Romeinse bewoningssporen zijn ook scherven aangetroffen van gedraaid aardewerk dat geïmporteerd werd uit België en Noord-Frankrijk. Verder zijn er veertien mantelspelden aangetroffen, waarvan twee spelden nog uit de IJzertijd stammen. Bijzonder is ook de vondst van een ijzeren lanspunt uit de IJzertijd.

‘Muizenpotten’ uit de middeleeuwen
De middeleeuwse vindplaats bestond uit bewoningssporen van vermoedelijk drie verschillende erven die deel uitmaakten van de lintbewoning. Een deel van een gracht die in twee opgravingsputten werd waargenomen zou wellicht tot een bijzonder middeleeuws erf kunnen behoren, maar op dit deel heeft geen opgraving plaatsgevonden. Dat de middeleeuwse boeren in Velddriel het niet hadden op muizen rondom hun hooimijten, blijkt uit de vier ‘muizenpotten’ die verspreid over de vindplaats zijn aangetroffen. Deze laatmiddeleeuwse potten werden bij palen van de hooimijt ingegraven en dienden zo als val voor muizen en ander ongedierte.

De archeologische opgraving werd uitgevoerd onder leiding van Jan van Renswoude (VUhbs archeologie) en de uitwerking lag in handen van Jelle van Hemert.

Meer berichten

Het lokale nieuws in uw mailbox ontvangen?

Aanmelden