Sint-Janskruid

In deze rubriek vertelt Jules Faber wekelijks over planten die in Nederland te vinden zijn. Hij gaat hierbij in op de kruidengeneeskunde en hun benaming, maar geeft ook recepten prijs. Deze week over sint-janskruid.

Rond 21 juni vierden de oude culturen het midzomerfeest en op 24 juni, de naamdag van Johannes de Doper, bloeit het Sint-Janskruid optimaal.

Men dacht vroeger dat Sint-Janskruid de boze geesten zou verdrijven en gaf het kruid de bijnaam jaag de duivel. De kerk schreef voor dat op 24 juni het altaar versierd moest worden met de bloemen, want tijdens het indrogen kwam er een wierookachtige geur vanaf.

Maar laten we het bijgeloof voor wat het is en het goudgele bloempje en het blad eens goed bekijken. Kijk dan met name naar de kleine gaatjes in het blad, die zie je als je het blad tegen het licht houdt. Deze gaatjes verwijzen naar de medicinale werking van het Sint-Janskruid. Hij is lichtdoorlatend voor de depressieve mens, die door het gebruik van het Sint-Janskruid weer levensluchtig wordt. Ook werkt het kruidje ook op de spijsvertering.

Ook kinderen die het etiket ADHD hebben gekregen zijn gebaat bij het regelmatig drinken van een kopje Sint-Jansthee. Voor 1 kopje thee heb je 2 eetlepels, het liefst gedroogde bloemen, nodig. Een waarschuwing is wel op zijn plaats. Sint-Janskruid niet naast anticonceptiemiddelen (de pil) gebruiken, het kruidje werkt hormoonherstellend.

Olie uit de kliertjes gebruikt men om schrale plekken mee te behandelen. In de wol- en verfindustrie gebruikt men de bloeiende toppen om er een oranje-geelachtige kleurstof uit te winnen.

Meer berichten