On-kruid: Heelblaadjes (Pulicaria Dysenterica)

In deze rubriek vertelt Jules Faber wekelijks over planten die in Nederland te vinden zijn. Hij gaat hierbij in op de kruidengeneeskunde en hun benaming, maar geeft ook recepten prijs. Deze week heelblaadjes.

Is een echte zomerbloeier die pas eind juli begin augustus, begint te bloeien met stralende warme, gele bloemen. Heelblaadjes misstaan zeker niet in je siertuin, ook in mijn tuin kun je ze vinden en het liefst groeien ze om de vijver heen. De voorkeur gaat dan ook uit naar wat vochtige plaatsen en verdichte grond, zodat er steeds vocht beschikbaar is.

Heelblaadjes komen oorspronkelijk uit Oostelijk Europa en Perzië. Zijn tweede Latijnse naam, 'Dysenterica', is door kruidendeskundige Linnaeus (1701-1778) aan de plant gegeven. Hij had namelijk gehoord over een Russische generaal die opdracht had gegeven dat de soldaten die last hadden van dysentrie (diarree) thee van heelblaadjes moesten drinken. Blijkbaar wist de generaal dat de plant samentrekkende eigenschappen bezit, zodat de diarree wordt afgeremd.

Heelblaadjes werken inderdaad samentrekkend, maar we moeten dat ook niet overdrijven. Vandaar dat heelblaadjes nog nauwelijks als medicatie wordt gebruikt.

Het blad en de wortel hebben een citroenachtige geur die lijkt op de geur van zeep. Deze geur verdrijft ook muggen en vlooien. Daarom werden heelblaadjes vroeger samen met stro in de tijk, een soort matraszak, gedaan om al het ongedierte op afstand te houden.

Een kompres gedrenkt in bladeren van heelblaadjes werkt wondhelend bij kleine schaafwonden.

Meer berichten