On-kruid: Sterhyacint

In deze rubriek vertelt Jules Faber wekelijks over planten die in Nederland te vinden zijn. Hij gaat hierbij in op de kruidengeneeskunde en hun benaming, maar geeft ook recepten prijs. Deze keer over de sterhyacint.

Dat in deze tijd van het jaar de natuur al tot leven komt, bewijst de sterhyacint. Dit bolgewas tovert binnen een week mijn bloemperkje lavendel blauw. Het maakt voor hem niet uit of hij wel of niet in de schaduw staat. Maar als de zon zich dan weer eens laat zien en zo'n bloeiend veld met sterhyacinten open gaat, dan lijkt het net of het al lente is in je tuin, ondanks dat het pas februari is. Gelukkig kan de sterhyacint, die meerdere bloemstengels en stervormige hangende lavendelkleurige bloemen heeft, goed tegen grote temperatuurverschillen. Daarom kun je hem in centraal Rusland nog tegen komen, doch oorspronkelijk komt hij uit Iran.

De in 1931 geïmporteerde sterhyacint heeft de wetenschappelijke naam 'Scilla' meegekregen. 'Scilla' betekent in het Grieks: krenken, een duidelijke verwijzing naar de giftigheid van de plant. Bijzonder is wel dat er ook een plaatsje in Italië bestaat met de naam 'Scilla'.

Je komt ze wel steeds vaker tegen in het wild. De sterhyacint behoort tot de 'verwilderingsbloembollen'. De knollen vermeerderen zich makkelijk wanneer zij het goed naar hun zin hebben. Inmiddels is er ook een gekweekte versie, deze heeft witte bloemen.

In mijn bloemperk heb ik de sterhyacint gecombineerd met narcissen en krokussen. De gele, roze en de lila tinten van deze bloemen combineren goed met het diepblauwe van de sterhyacint.

Meer berichten

Het lokale nieuws in uw mailbox ontvangen?

Aanmelden