Column: Van Zeelst

Door Johan Cahuzak

In het dorp waar ik geboren ben, woonde één katholiek gezin, de roomse boer. Later kwamen er meer papisten en werd er zielszorg verleend door de pastoor van Gorinchem die per BMW motorfiets naar de schaapjes van Meerkerk kwam. Ik had weliswaar al vroeg belangstelling voor andersdenkenden maar vooral die motor intrigeerde mij. De kosteres bij de vieringen was de vrouw van de roomse boer. Dat terzijde.

Later belandde ik in Sliedrecht, een oer-protestant dorp met meer gereformeerde smaken dan soorten chips in het schap van Albert Heijn. Mijn heil zocht ik daar steeds meer in de kleine katholieke gemeenschap die geleid werd door een belezen en creatieve pastoor: zijn preken waren een lust voor de ziel. Zo nu en dan had hij iets anders te doen en dan werd de dienst geleid door zijn collega uit Papen(!)drecht. Die was van een ander kaliber, hij donderde de leer van Rome het kerkje in. Ronduit vermakelijk.

Eenmaal in Zaltbommel beland, bezocht ik regelmatig de Sint-Martinus. Daar trof ik dan doorgaans pastor Van Zeelst aan. Zelden zo’n vriendelijke man gezien. Hij hield van zijn werk, dat kon je zo zien.

Van zijn preken herinner ik me niet veel meer. Maar des te meer van zijn krachtig standpunt ten opzichte van heilzwervers die toch aan zijn eucharistie wilden deelnemen. “Iedere volwassene die deze dienst oprecht meebeleeft, wordt hartelijk uitgenodigd.” Hij trok daarmee een lange neus naar Den Bosch, Utrecht en vooral Rome. Van Zeelst is onlangs overleden. Hij ruste in vrede.

Meer berichten

Het lokale nieuws in uw mailbox ontvangen?

Aanmelden